Ik krijg van bekenden wel eens de vraag of ik eigenlijk wel eens iets heb geschoten de laatste tijd. Ze hebben er immers nooit een foto van gezien op de sociale media. Op mijn Instagram zien ze meestal alleen foto’s van levende dieren of van het klaargemaakte wild, een stukje vlees op een bord. Als ze toch een foto willen zien van het daadwerkelijk geschoten dier, dan laat ik ze die liever persoonlijk zien en dan vertel ik ook graag het verhaal dat erbij hoort. Hoe het dier geschoten is en waarom. En uiteraard over de jachtdag zelf en over wat daar allemaal gebeurde.
Als jager wil ik een eerlijk en open beeld geven van wat ik doe en van wat mij motiveert. Om meer inzicht te verschaffen aan mensen die de jacht niet kennen, maar ook om mijn eigen visie op de jacht en de levende wereld uit te dragen en anderen wellicht te inspireren. Vandaar ook dat ik deze weblog ben gaan schrijven. Toch vermijd ik het delen van foto’s van het tableau of trofeefoto’s. Op mijn Instagram kom je die dan ook weinig tegen. En als je ze tegenkomt, dan zijn het foto’s waarop respect voor het dier centraal staat. Waarom deze keuze?
Ten eerste vind ik persoonlijk dat ik deze foto’s niet altijd hoef te maken en/ of delen. Ik maak uiteraard foto’s als persoonlijke herinnering aan het dier en aan de jachtdag, maar die zijn vooral voor mijzelf bedoeld. Het doden van het dier is iets tussen mij en het dier, een moment van bespiegeling en van bezinning. Ik respecteer het dier waarop ik jaag, ik ga er dan ook niet zomaar foto’s van het internet op slingeren. We posten immers uit respect ook niet zomaar foto’s van dode mensen en dieren op de sociale media. Daar zit niemand op te wachten. Vanochtend openende ik mijn Instagram account en het eerste dat het algoritme voorbij liet komen was een filmpje van een wild zwijn dat werd geschoten tijdens een drukjacht. Dat vind ik persoonlijk erg onsmakelijk, het overvalt me dan echt op zo’n moment.
Dat brengt me bij het tweede punt: het merendeel van mensen die door hun digitale ‘feed’ scrollen zien niet graag een herkenbaar dood dier voorbij komen. Ik overigens ook niet! Dat heeft niks te maken met een oneerlijk beeld over de jacht schetsen, maar met beeldetiquette, inlevingsvermogen en deugdelijk fatsoen. Een foto met een lachende jager die bij 40 geschoten dieren staat met daaronder een onderschrift als “Geslaagd ochtendje schadebestrijding”, strijkt veel toeschouwers begrijpelijkerwijs tegen de haren in. De bessenteler die van de schade af is, is misschien blij. De schutter is misschien blij met zijn of haar schietkunsten. Maar een werkcollega of kennis die even door zijn apps scrollt en dit beeld ziet langskomen, ziet er waarschijnlijk iets heel anders in.
Een tableau leggen maakt deel uit van de weidelijke jachttraditie. Aan het einde van de jachtdag worden de geschoten dieren naast elkaar gelegd met het hart richting de hemel, dus op de rechterzij.1 De jagers plaatsen een afgebroken tak, de breuk, op het lichaam van de dieren en steken een een takje in de bek, de laatste beet. Iedereen neemt zijn hoed af, de jachthoornblazers spelen als eerbetoon aan het wild. Ook hier draait het om respect en bezinning. Een stukje reflectie en introspectie. Een foto van een tableau kan zonder deze context echter al snel overkomen als een ‘overzicht van dode dieren.’ Vaak hebben ze een snee in hun buik, ze zijn ontweid. Dat wil zeggen dat de ingewanden verwijderd zijn om bederf van het vlees tegen te gaan. Dit kan er echter crue en aanstootgevend uitzien, vooral als je niet begrijpt waar je naar kijkt. Het is daarom belangrijk dat zulke beelden, ook wanneer ze in de algemene media worden gepubliceerd, voorzien zijn van de juiste context.
Dan zijn er ook nog de zo gewraakte ‘trofeefoto’s’, waarop een dood dier ligt met daarnaast de schutter en zijn of haar wapen en soms ook de hond. Voor de niet geïnitieerden lijkt het alsof de jager een soort overwinning op het dier vastlegt. Vaak gaat het echter om een aandenken aan de jacht, naar mijn mening ook iets persoonlijks. Wanneer de foto bedoeld is als pronkstuk of als een uiting van bewijsdrang, dan hoor je hem naar mijn mening niet openlijk te delen. Beter is dan bijvoorbeeld een foto van de verschoten kogelhuls, al dan niet met een breukje erin, een foto van de buitbreuk of een close-up foto van een stukje vacht, veren of gewei.
Ook de manier waarop zo’n foto gedeeld wordt kan veel verschil maken. Het boek ‘Jägerbrauch, Gelebtes und Überlebtes in der Jagd‘, zo ongeveer mijn ‘jachtbijbel’, legt uit hoe een respectvolle foto eruit ziet.2 Het dier ligt op de juiste zij met de laatste beet in de bek. De jager en/of de hond kunnen erbij staan in een respectvolle houding (bijvoorbeeld hand op het dier, hoed in de hand, ingetogen). Het geweer hoort niet op of tegen het dier aan te liggen, het is immers deel van de jager en niet van het dier. Vaak lachen mensen op de foto, dat lijkt voor velen onbegrijpelijk. Soms zie je ook ‘trofeefoto’s’ waarop de jager huilt. Jagen en het doden van een dier roepen diepe emoties op. Opluchting na een lange tijd jagen op een dier of na een goed geplaatst schot, de spanning van het jagen die tot ontlading komt, de trots op het harde werk van een nazoek en het werk met de hond, de tevredenheid over het binnenbrengen van een ziek of gewond dier en ook de realisatie over de broosheid van het leven, onze plek in de wereld en onze eigen sterfelijkheid. Het zijn emoties die je terug kunt zien in een oprechte en respectvolle foto. Ikzelf kijk meestal als een boer met kiespijn op een foto waar ik met een geschoten dier op sta. Je ziet daarin de ambivalentie van de jacht terug. Ik weet wat ik doe en waarom, maar het doden van het dier zelf is nooit ‘leuk’ of ‘fijn’.
Ik hoop met mijn verhalen een goed beeld te schetsen van wat jagen voor mij betekent. Het beeldverhaal speelt daarin ook een belangrijke rol. Open en eerlijke communicatie en transparantie zijn altijd belangrijk, maar vooral wanneer we iets doen dat veel en sterke emoties oproept, zoals jagen. We moeten als jager een duidelijk en eerlijk beeld schetsen van wat we doen, maar we moeten ons daarbij wel houden aan beeldetiquette en ons gezond verstand gebruiken. En we moeten altijd kunnen verantwoorden wat we doen en waarom, zo ook bij het plaatsen van foto’s. Smaakvolle foto’s die het respect en de bewondering uitdragen die wij als jagers hebben voor de levende wereld om ons heen kunnen daar zeker aan bijdragen. Een foto is zonder duidelijke context echter ook makkelijk verkeerd te interpreteren. Vandaar mijn persoonlijke voorkeur om het delen van tableaufoto’s en foto’s van dode dieren op de sociale media te beperken.
Geef een reactie